Prematuur kinderen


De prematuur geboren baby

Mogelijke problemen van de premature baby

Vroeggeborenen hebben vooral te kampen met ademhalingsproblemen en hersenbloedingen en in mindere mate met problemen van de bloedsomloop en van het spijsverteringsstelsel. Deze problemen kunnen restverschijnselen en beperkingen of handicaps veroorzaken en hierdoor een normale ontwikkeling ongunstig beïnvloeden. Er dient echter wel opgemerkt te worden dat niet bij elke prematuur geboren kindje problemen optreden. Bij een normale ontwikkeling zal het kind zich later in weinig of niets van zijn leeftijdsgenoten onderscheiden. Hoe verder de zwangerschap gevorderd is, hoe geringer de kans op problemen en verwikkelingen. Afgezien van congenitale afwijkingen is vroeggeboorte verantwoordelijk voor 75% van de neonatale sterfte.

Ademhaling
Typische voor premature kinderen is dat ze vlug, oppervlakkig en onregelmatig ademen. De luchtwegen zijn volledig gevormd maar er ontbreekt echter soms surfactant : dit is een stof die een collaps of samenvallen van de longblaasjes gedurende de expiratie (uitademing) voorkomt. RDS (respiratoiry distress syndrome ) is een aandoening die bij vele prematuurtjes voorkomt. De longen kunnen zich door onvoldoende aanwezigheid van surfactant niet volledig ontplooien wat de zuurstofopname en de CO2 afgifte bemoeilijkt. De baby zal in dit geval extra zuurstof nodig hebben, men zal soms surfactant toedienen en in erge gevallen zal de baby tijdelijk beademd dienen te worden. Een veel voorkomend fenomeen bij prematuren is de apnoe wat neerkomt op een vergeten van ademhalen. Stimulatie is in dit geval de oplossing. Om de ademhaling te controleren zal de premature baby verbonden worden met een monitor : hetzij cardio-respiratoir (hartslag en ademhaling worden gemeten), hetzij een apnoemonitor welke elke ademhalingsstop van > 15 of 20 seconden zal detecteren en een alarm laat afgaan. Om ademhalingsproblemen te verhelpen kan men aan de baby zuurstof toedienen hetzij vrij in de incubator of couveuse, hetzij via een zuurstofkoepel die over het babyhoofdje wordt geplaatst. In extreme gevallen zal constant zuurstof toegediend worden via een tube in de neus welke met een beademingstoestel verbonden is = CPAP of continous positive airway pressure. Wanneer de baby helemaal niet zelfstandig kan ademen wordt hij dus aangesloten aan het beademingstoestel wat dan de ademhalingsfunctie van de baby overneemt.

Hart
De overgang van foetale naar gewone circulatie kan bij premature baby’s voor problemen zorgen. Zo kan er tijdelijk foetale circulatie blijven bestaan ten gevolge van het niet sluiten van de ductus arteriosus. De behandeling zal zuurstoftherapie zijn, medicatie en eventueel operatie. Vertraging van het hartritme of bradycardie komt ook vaak voor, vandaar het belang van de cardiorespiratoire monitor. Manuele stimulatie volstaat meestal om het normale hartritme ter herstellen.

Maag-darmstelsel
Vroeggeborenen hebben een mindere darmperistaltiek dan voldragen kindjes. Daardoor hebben ze onregelmatig ontlasting en vaak een opgezet buikje. Het te vroeg starten met voeding geeft vaak aanleiding tot problemen zoals NEC (necrotiserende enterocolitis). Naargelang de zwangerschapsleeftijd zal totale parenterale voeding (infuus), sondevoeding of voeding met een flesje worden toegediend. Moedermelk kan ook perfect via de sonde of het flesje gegeven worden.

Lever
De lever van een premature baby is vaak nog zeer onrijp. Hyperbilirubinemie (fysiologische geelzucht) komt dan ook zeer frequent voor. De behandeling bestaat erin om fototherapie (de baby moet onder de 'lamp') toe te passen. Bilirubine is een afbraakproduct van rode bloedcellen welke door de lever uit het bloed wordt verwijderd. Doordat de lever onrijp is wordt dit proces dus ongunstig beïnvloed. De bilirubine wordt in de huid opgenomen ipv via de stoelgang verwijderd te worden. Zodoende wordt het kindje geel.

Afweer
De afweer tegen allerhande micro-organismen hangt sterk af van de functie van het immunologisch systeem. De premature baby heeft een lagere weerstand voor infecties (o.a. ter hoogte van de longen, in het bloed) wat extra waakzaamheid vereist. Bij het minste infectieteken (vb. koorts) zal dan ook antibioticatherapie gestart worden.

Temperatuurregulatie
Bij vroeggeborenen vraagt de temperatuurregulatie extra zorg. Deze kindjes hebben een relatief grote huidoppervlakte, weinig vetweefsel en een niet goed functionerend thermoregulerend systeem. Het gevolg is dat deze kindjes sterk afhankelijk zijn van de omgevingstemperatuur. Is deze niet optimaal dan zullen ze zeer snel afkoelen en zelfs onderkoelen. Dit is dan ook de reden waarom baby in een incubator (couveuse) wordt verzorgd, zodat men een temperatuur kan garanderen die perfect aansluit bij de behoefte van het desbetreffende kindje.

(bron: www.gezondheid.be)


Andere informatie:

Vereniging van ouders van couveusekinderen

Kenniscentrum prematuren

Belgische vereniging voor ouders van couveusekinderen